Verdiend met pensioen?
"Ik kan er ook van mijn kant niet genoeg de nadruk op leggen hoe dringend het probleem is. Nu hebben we in Nederland op elke tien werknemers drie gepensioneerden. Maar dat gaat de komende jaren naar een verhouding van tien werknemers die zes mensen van boven de 65 moeten voorzien van een inkomen. Twee keer zoveel mensen voor wie die tien werknemers AOW op moeten brengen, de kosten van ziekte en verzorging moeten betalen. Dat betekent een verdubbeling van de lasten die de toekomstige werknemer voor de ouderen op moet brengen.”
Deze uitspraak van staatssecretaris van Sociale Zaken Van Hoof illustreert dat ouderen worden gezien als een last voor de samenleving. De recente, door Wouter Bos aangezwengelde discussie over de fiscalisering van de AOW versterkt dit beeld. Maar is dit beeld wel terecht? Hebben ouderen niet een rustige oude dag verdiend, doordat ze in het verleden reeds veel hebben gewerkt?
In dit onderzoek staat daarom de volgende vraag centraal:
Hoeveel uren productieve arbeid hebben verschillende generaties over de levensloop verricht?
Dit onderzoek gaat feitelijk over solidariteit. Als de hypothese klopt dat oudere generaties in hun leven meer werken dan jongere generaties, werpt dat een ander licht op de huidige discussie over de solidariteit tussen generaties. Als blijkt dat ouderen daarentegen juist minder hebben gewerkt dan jongere generaties, is de ‘last’ die ouderen zijn meer gerechtvaardigd. Daarbij moet worden opgemerkt dat arbeidsproductiviteit in dit onderzoek buiten beschouwing is gelaten.
Met behulp van historische reeksen van het Centraal Bureau voor de Statistiek en het Sociaal en Cultureel Planbureau en toekomstprognoses van het Centraal Planbureau hebben wij in kaart gebracht hoeveel uur verschillende generaties over hun levensloop hebben gewerkt of zullen gaan werken. De belangrijkste conclusies zijn de volgende:
- Het aantal uur dat mensen gedurende hun leven werken is al een aantal decennia lang redelijk constant. Dit geldt zowel voor het aantal uur dat mensen betaalde arbeid verrichten, als voor het aantal uur dat mensen aan huishoudelijke arbeid besteden.
- Door een toegenomen levensverwachting werken jongere generaties een minder groot deel van hun leven dan oudere generaties. Mensen geboren in 1915 werkten 38% van het aantal uur dat ze in hun leven zouden kunnen werken. Babyboomers besteden 32% van hun leven aan betaald en huishoudelijk werk. Hun kinderen werken naar verwachting nog maar 30% van hun leven.
- De arbeidsparticipatie van mannen is de afgelopen decennia gestaag afgenomen. Dit geldt vooral voor jongeren (tot 25 jaar) en ouderen (50 jaar en ouder). Ook het aantal uur dat mannen per week betaald werken is sterk gedaald. Mannen zijn de afgelopen jaren wel steeds meer tijd gaan besteden aan huishoudelijke arbeid. Deze toename is sterker dan de afname van de tijd besteed aan betaalde arbeid. Overall werken jongere generaties mannen dus meer dan hun ouders. De babyboom mannen zijn het beste af: zij werken minder dan hun ouders en kinderen.
- Voor vrouwen liggen de trends precies omgekeerd. De arbeidsparticipatie is de afgelopen decennia juist steeds toegenomen. Hoewel vrouwen minder uur per week werken, zorgt de sterke toename van het aantal vrouwen dat betaalde arbeid verricht voor een stijging van het aantal uur dat vrouwen betaald werken. De tijd besteed aan huishoudelijke arbeid is afgenomen. De afname is sterker dan de toename van de arbeidsparticipatie, waardoor jongere generaties vrouwen juist minder werken dan oudere generaties vrouwen.
- Mannen verrichten meer uur betaalde arbeid dan vrouwen, vrouwen besteden meer tijd aan het huishouden. Opgeteld geldt dat vrouwen meer uur productief zijn dan mannen. Het verschil in het aantal productieve uren wordt echter kleiner. Vrouwen van de generatie 1930 werkten gedurende hun leven 16% meer uur dan hun mannelijke generatiegenoten. Voor cohort 1950 was het verschil toegenomen tot 24%. Vrouwen geboren in 1980 werken naar verwachting 8% uur meer. De toegenomen arbeidsparticipatie van vrouwen ging dus vooraf aan de toegenomen participatie van mannen in huishoudelijke taken.
Bestand
Klik op het icoontje met de rechter muisknop en kies "Doel opslaan als..."









