Benchmark luchthavengelden en overheidsheffingen
Het Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Directoraat Generaal Transport en Luchtvaart (DGTL) heeft SEO Economisch Onderzoek, cluster Amsterdam Aviation Economics (AAE) gevraagd om de in 2006 uitgevoerde kwantitatieve benchmark van luchthavengelden en overheidsheffingen te actualiseren. Daarnaast is SEO/AAE gevraagd om enkele aanvullende (gevoeligheids)analyses uit te voeren.
Om een up-to-date beeld te krijgen van de luchthavengelden (alle hieronder vallende tariefopbrengsten worden “gelden” genoemd), ATC-heffingen en overheidsheffingen (alle hieronder vallende tariefopbrengsten worden “heffingen” genoemd) op verschillende Europese luchthavens en met name om de positie van en de ontwikkelingen op Schiphol ten opzichte van concurrerende luchthavens in kaart te brengen, is de door ons in 2006 uitgevoerde benchmark geactualiseerd. Dit betekent concreet dat de totale luchthavengelden, ATC-heffingen en overheidsheffingen in dit rapport ook voor 2007 zijn berekend. Daarnaast is de selectie luchthavens uitgebreid naar negen.
Naast Schiphol, Parijs Charles de Gaulle, Frankfurt, Londen Gatwick en Londen Heathrow, zijn nu ook Brussel (zelfde verzorgingsgebied), Madrid, München en Zürich (concurrentie op de transfermarkt) meegenomen in de benchmark. Parijs Orly is dit jaar uit de benchmark gelaten, omdat de tarieven op deze luchthaven vrijwel gelijk zijn aan die op Parijs Charles de Gaulle. De verkeersgegevens over 2006 van Schiphol en de informatie uit de IATA airport & air navigation charges manual dienen als inputgegevens voor alle te onderzoeken jaren (medio 2003, 2006 en 2007) en voor alle te onderzoeken luchthavens. Dit maakt het maken van zowel een consistente longitudinale vergelijking als een consistente vergelijking tussen de luchthavens onderling mogelijk.
Naast het feit dat voor alle luchthavens voor alle drie de jaren de totale tariefopbrengsten uit luchthavengelden, ATC-heffingen en overheidsheffingen worden berekend en gepresenteerd, wordt eveneens dieper ingegaan op de afzonderlijke gelden en heffingen en de differentiaties die in de berekeningen daarvan een belangrijke rol spelen. Voorts zullen voor drie vliegtuigtypes (een groot, middelgroot en klein type) afzonderlijk de totale tariefopbrengsten per luchthaven worden berekend en wordt er additionele achtergrondinformatie gepresenteerd inzake de securitygelden en –heffingen, geluidsgelden en –heffingen, ATC-heffingen en overige heffingen. Hierbij moet worden gedacht aan het doel van de heffing, de besteding van de opgebrachte heffingsgelden, de partij die de heffing int en de partij die de heffing ontvangt.
Tot slot heeft de opdrachtgever ons gevraagd om de invloed van de voorgenomen vliegbelasting te onderzoeken. Zowel beschrijvend als grafisch zullen wij een indruk geven van de gevolgen voor de totale tariefopbrengsten als op 1 juli 2008 de vliegbelasting in werking wordt gesteld.
Bestanden
Klik op het icoontje met de rechter muisknop en kies "Doel opslaan als..."









