pagina

Benchmark luchthavengelden en overheidsheffingen


Publicatienummer: 2008-24
Auteurs: J. Zuidberg, J. Veldhuis
Opdrachtgever: DGTL
Uitgever: SEO Economisch Onderzoek
ISBN: 978-90-6733-439-6

In opdracht van het Directoraat Generaal Transport en Luchtvaart (DGTL) heeft SEO Economisch Onderzoek/AAE het eerder ontwikkelde benchmark model geactualiseerd en uitgebreid naar negen grote luchthavens (Schiphol, Brussel, Parijs Charles de Gaulle, Frankfurt, Londen Gatwick, Londen Heathrow, Madrid, München en Zürich). In de studie is onderzoek gedaan naar de luchthavengelden, ATC-heffingen en overheidsheffingen op de verschillende luchthavens en de ontwikkelingstrends hierin. 

Op basis van de  vliegbewegingen in 2006 van een representatief pakket vliegtuigen (‘Schiphol pakket’) zijn voor de verschillende luchthavens de luchthavengelden, ATC-heffingen en overheidsheffingen berekend. Het pakket vertegenwoordigt bijna 98% van het totale vliegverkeer op Schiphol en is ten behoeve van de consistentie en de vergelijkbaarheid voor alle onderzochte jaren en luchthavens constant verondersteld. 

De onderzoeksvragen die centraal hebben gestaan in het onderzoek zijn:

  • Hoe hoog zijn de luchthavengelden, ATC-heffingen en overheidsheffingen op de negen onderzochte luchthavens, welke trends in de tijd kunnen worden waargenomen en hoe verhoudt Schiphol zich tot de andere luchthavens?
  • Wat is de invloed van de voorgenomen vliegbelasting (tickettax) op de tariefopbrengsten op Schiphol?
  • Welke tariefdifferentiaties worden gehanteerd en wat zijn de verschillen tussen de verschillende luchthavens?
  • Wat zijn de achtergronden van de securitygelden, geluidsgelden, ATC-heffingen en overheidsheffingen en wat zijn de verschillen tussen de verschillende luchthavens?




Categorie: 2008, Jan Veldhuis, Joost Zuidberg, Luchtvaart