pagina

Quick Scan Reserveprijs DVB-T


Publicatienummer: 2016-05
Auteurs: M. Kerste, J. Witteman & J. Poort
Opdrachtgever: ministerie van Economische Zaken
Uitgever: SEO Economisch Onderzoek
ISBN:
978-90-6733-801-1

Op basis van een Quick Scan van internationale veilinguitkomsten en openbare cijfers over de huidige vergunninghouder adviseert SEO/IViR om bij de veiling van de vergunning voor DVB-T ten hoogste een low but non-trivial reserveprijs, van bijvoorbeeld €1 miljoen, vast te stellen.

KPN/Digitenne en NPO zijn momenteel de vergunninghouders in Nederland voor DVB-T, en maken daarvoor gebruik van de UHF-band (470-790 MHz).  De huidige vergunningen hebben een looptijd van 15 jaar en lopen op 31 januari 2017 af. De Minister van Economische Zaken is verantwoordelijk voor de verdeling van het spectrum en is voornemens de frequenties voor commercieel gebruik vanaf mei 2016 te gaan veilen. De nieuwe vergunning zal dan ingaan op 1 februari 2017 en een looptijd hebben van 13 jaar. Teneinde het verloop van de veiling te versnellen en niet-serieuze aanvragers te weren overweegt de minister bij de veiling een reserveprijs te hanteren vanaf waar het biedingsproces zal aanvangen. Het ministerie van Economische Zaken heeft SEO  gevraagd om gegeven de voorgenomen uitgangspunten en het veilingmodel, een Quick Scan uit te voeren naar de mogelijke invulling van een reserveprijs.

Wanneer het streven is om een ‘realistische’ reserveprijs vast te stellen die een relatie heeft met de verwachte waarde van het DVB-T-spectrum, kan 40% van de geschatte marktwaarde gezien worden als een absolute bovengrens voor de reserveprijs. Om het risico dat het spectrum door een te hoge reserveprijs onverdeeld blijft verder te reduceren, wordt een reserveprijs van 20-30% van de geschatte waarde raadzamer geacht.

Om een inschatting te maken van de marktwaarde van het spectrum is een internationale benchmark uitgevoerd, waarbij gekeken is naar marktprijzen in het buitenland voor vergelijkbaar spectrum tegen vergelijkbare voorwaarden. Daarnaast is in een businesscase-benadering getracht om een waarde in te schatten op basis van cijfers uit openbare bronnen over de huidige operatie van Digitenne. De internationale benchmark levert waarden op van grofweg € 0,35~52,3 mln. Deze waarden moeten echter met zeer veel voorzichtigheid worden beschouwd, omdat de benchmark feitelijk onvoldoende vergelijkingsmateriaal en een zeer divers beeld oplevert. Het onzekere beeld op basis van de internationale benchmark wordt versterkt door de businesscase-benadering. De meest aannemelijk geachte bandbreedte voor de waarde van de nieuwe vergunning voor KPN bedraagt binnen deze benadering €0 tot 18,5 miljoen, maar deze bandbreedte is gestoeld op diverse aannames die in dit bestek niet verder geverifieerd konden worden. Andere keuzes in die aannames leiden tot een waarde die hoger of juist negatief is.

Het rapport concludeert dat de marktwaarde van de vergunning uiterst onzeker is, waardoor iedere op een dergelijke waarde-inschatting gebaseerde reserveprijs het risico in zich draagt, dat de vergunning niet wordt uitgegeven. Uit dit onderzoek volgt daarom het advies om ten hoogste een low but non-trivial  reserveprijs vast te stellen, die puur tot doel heeft om niet-serieuze bieders af te schrikken. Een bedrag van bijvoorbeeld €1 miljoen voldoet hieraan.

Het onderzoeksrapport is onderdeel van de consultatie die het ministerie van Economische Zaken heeft uitgezet. Meer informatie is te vinden op de website van Overheid.nl


Categorie: 2016, Financiële Markten & Finance, Joost Witteman