pagina

De economische waarde van arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa voor Nederland


Publicatienummer: 2018-37
Auteurs: Arjan Heyma, Paul Bisschop & Cindy Biesenbeek
Opdrachtgever: ABU
Uitgever: SEO Economisch Onderzoek
ISBN: 978-90-6733-918-6

Resultaten
Arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa hebben een substantiële waarde voor de Nederlandse economie in het algemeen en die van enkele regio’s in het bijzonder. Ze zorgen primair voor additionele werkgelegenheid, productie en inkomen in de regio waar ze worden ingezet. Zonder deze arbeidsmigranten verwachten werkgevers dat ze hun productieproces moeten aanpassen, inperken of verplaatsen.

In 2016 waren in totaal 371 duizend arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa actief als werknemer in Nederland, waarvan 183 duizend als uitzendkracht (49 procent). Samen vervulden zij in totaal 514 duizend verschillende banen, waarvan 275 duizend uitzendbanen (54 procent). Deze arbeidsmigranten zijn vooral actief in het zuiden en westen van Nederland en met name in de land- en tuinbouw, zakelijke dienstverlening, logistiek, groothandel, voedingsindustrie en metaalindustrie.

In 2016 droegen arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa ongeveer 11 miljard euro bij aan het nationaal inkomen van Nederland. Na aftrek van de daarvan uitgekeerde beloning aan arbeidsmigranten blijft hier ruim 5 miljard euro van over, ongeveer 300 euro per Nederlander. Daar staan enkele maatschappelijke kosten tegenover, waarvan de kosten van de gezondheidszorg, sociale zekerheid, huisvesting en sociale integratie de belangrijkste zijn.

Het onderzoek
Het recht van vrij verkeer en verblijf van personen binnen de Europese Unie (EU) vormt de hoeksteen van het burgerschap van de Unie dat in 1992 met het Verdrag van Maastricht werd ingevoerd. Dankzij het vrij verkeer van personen kunnen bewoners van de EU zonder restricties reizen in andere EU-lidstaten en kunnen ze drie maanden in een andere EU-lidstaat verblijven én werken zonder een visum aan te vragen. Daarmee is een Europese arbeidsmarkt ontstaan die het mogelijk maakt om vraag en aanbod van arbeid beter op elkaar aan te laten sluiten.

In de publieke opinie hangt er regelmatig een negatief sentiment rond de inzet en het verblijf van arbeidsmigranten in Nederland, in het bijzonder die uit Midden- en Oost-Europa. Burgers klagen over overlast van arbeidsmigranten en oneerlijke concurrentie met betrekking tot werk en woonruimte. Vaak blijft de economische impact van arbeidsmigranten in Nederland buiten beeld. Doel van dit onderzoek is om die economische impact van arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa (MOE-landen) op de Nederlandse samenleving in beeld te brengen, zowel aan de hand van statistieken en cijfers op landelijk en regionaal niveau, als door middel van enkele voorbeelden van sectoren en bedrijven die relatief veel arbeidsmigranten inzetten.

Gebruikte methode
Cijfers over het aantal banen van arbeidsmigranten uit Midden- en Oost-Europa zijn afkomstig uit CBS Microdatabestanden. Op grond van die aantallen per sector is via input-output tabellen van het CBS berekend wat de bijdrage van deze arbeidsmigranten is aan de productie en toegevoegde waarde in Nederland. Deze cijfers zijn vertaald naar de bijdrage aan productie en inkomen in vijf regio-sectorcombinaties waar interviews zijn gehouden met werkgevers die veel gebruik maken van arbeidsmigranten uit Midden en Oost-Europa.

Lees ook het persbericht op de website van ABU: Arbeidsmigranten van grote economische waarde voor Nederland


Bron afbeelding voorpagina:
Pixabay


Categorie: 2018, Arjan Heyma, Paul Bisschop, Cindy Biesenbeek, Arbeid & Onderwijs, in the spotlight