pagina

Implementatie doorlopende leerlijnen vmbo-mbo; Derde monitor vakmanschap-, technologie- en beroepsroutes


Publicatienummer: 2017-76
Auteurs: Arjan Heyma, Emina van den Berg, Régina Petit, Joris Cuppen & José Hermanussen
In opdracht van: het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
Uitgever: SEO Economisch Onderzoek
ISBN:
978-90-6733-887-5

In het afgelopen schooljaar 2016-2017 is het aantal lopende vakmanschap-, technologie- en beroepsroutes bijna verdubbeld ten opzichte van het jaar ervoor (202 versus 109). Zowel na één als na twee jaar in een technologieroute blijkt er minder voortijdig schoolverlaten (vsv) plaats te vinden dan buiten de route. Bij de vakmanschaproute zijn de resultaten minder eenduidig Het aandeel leerlingen dat doorstroomt naar het mbo (de beroepskolom) is vanuit de vakmanschap- en technologieroute significant groter dan zonder doorlopende leerlijn. Voor de vakmanschaproute geldt bovendien dat een significant groter aandeel in het mbo voor dezelfde opleidingsrichting kiest als in het vmbo. Contactpersonen van de routes geven aan dat de implementatie van de routes voorspoedig verloopt.

Om te bezien of er mogelijkheden voor verbetering liggen in de aansluiting tussen en samenwerking door het vmbo en het mbo, hebben de ministeries van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) en Economische Zaken (EZ) in 2014 besloten tot een experiment met zogenoemde vakmanschap- en technologieroutes. Oorspronkelijk waren dat doorlopende leerlijnen vanaf leerjaar 3 van het vmbo op niveau 2 in alle sectoren (vakmanschaproutes) en op niveau 4 in de sectoren Techniek en Groen (technologieroutes). In 2015 werd door OCW en EZ besloten om het experiment met de doorlopende leerlijnen vmbo-mbo uit te breiden met mbo niveau 3 en met de overige sectoren op niveau 4. Daarnaast werd aansluiting met de arbeidsmarkt voor alle sectoren en niveaus een expliciet doel (was tot dan toe impliciet). Op die manier zijn er sinds schooljaar 2016-2017 vakmanschaproutes richting mbo niveau 3 ontstaan en zogenoemde beroepsroutes richting mbo niveau 4. De bestaande routes in de sectoren Groen en Technologie richting mbo niveau 4 zijn technologieroutes blijven heten. Aanvragen voor de nieuwe routes konden vanaf het najaar van 2015 worden ingediend.

Steeds meer scholen doen mee aan het experiment. Maar het aantal leerlingen dat start met een vakmanschap-, technologie- of beroepsroute in schooljaar 2016-2017 is nauwelijks gestegen ten opzichte van het schooljaar ervoor, ondanks de forse groei in het aantal beschikbare routes. Dat  betekent dat het gemiddelde aantal startende leerlingen per route daalt. Tegelijkertijd stoppen steeds minder leerlingen met de vakmanschap- en technologieroutes. In de technologieroute zijn er minder voortijdig schoolverlaten dan buiten de route. Zowel de technologie- als de vakmanschaproute zorgen voor een grotere doorstroom naar het mbo.

Uit een enquête onder 43 contactpersonen van routes binnen het experiment komt een positief beeld naar voren van de implementatie van de verschillende doorlopende leerlijnen. Een meerderheid van de projectleiders vindt dat de programmatische aansluiting tussen vmbo en mbo structureel wordt toegepast, verankerd is in de organisatie en geïntegreerd in bestaande routines. Leerstof wordt steeds vaker eerder aangeboden, maar wordt nog niet eerder (of later) geëxamineerd. Vakmanschap- en technologieroutes zijn breed toegankelijk. Het draagvlak binnen en de samenwerking tussen instellingen is goed, daarbuiten is die samenwerking voor verbetering vatbaar.


Categorie: Emina van den Berg, 2017, Arjan Heyma, Arbeid & Onderwijs