Publicatie
Posted workers to and from the Netherlands; Facts and figures
Resultaten
Nederland is een belangrijke ontvangende lidstaat voor intra-EU-detachering. In 2023 zijn bijna 200 duizend A1-verklaringen voor Nederland afgegeven, voornamelijk door onze buurlanden Duitsland en België, en daarnaast door Polen. Deze verklaringen hebben naar schatting betrekking op circa 121 duizend unieke personen. Daarnaast zijn in 2023 ongeveer 102 duizend werkenden gemeld via het Nederlandse meldloket, waarvan meer dan 90 procent werknemers en de rest zelfstandigen. Deze werkenden zijn afkomstig uit circa 80 duizend meldingen van ongeveer 14 duizend dienstverrichters (zowel buitenlandse werkgevers als zelfstandigen).
De meeste gemelde werknemers worden gedetacheerd vanuit Duitsland en België (samen 35 procent), Polen (22 procent) en Litouwen (14 procent), vooral naar de bouw en industrie (elk 28 procent), gevolgd door transport en logistiek (15 procent) en de land- en tuinbouw (8 procent). Voor gemelde zelfstandigen betreft dit vooral Polen, Slowakije en België richting de bouw en industrie. Detachering vormt daarbij met ruim 1 procent slechts een beperkt deel van de totale arbeidsmarkt, zeker vergeleken met het veel grotere aandeel reguliere arbeidsmigranten. Sinds 2022 vormt het wegtransport een belangrijke blinde vlek: detacheringen in deze sector worden niet langer in het Nederlandse meldloket geregistreerd, maar via het Europese RTPD-portaal, waardoor recente Nederlandse cijfers ontbreken.
Het aandeel derdelanders van buiten de EER+ groeit en vormt inmiddels ruim een vijfde van alle gemelde werknemers. Het gaat vooral om Oekraïners en Wit-Russen die via Polen of Litouwen worden gedetacheerd, maar ook om Brazilianen en Indiërs via Portugal. De gemiddelde duur van detacheringen bedraagt circa vijf maanden, zowel voor EU-ingezetenen (die relatief vaak zeer kort of juist zeer lang worden gedetacheerd) als voor derdelanders (met een sterkere concentratie rond de vijf maanden). Ongeveer de helft van de derdelanders wordt aangemeld voor perioden langer dan 90 dagen – de grens waarboven Nederland een verblijfsvergunning mag eisen.
Ook vanuit Nederland worden werknemers naar andere EU-lidstaten gedetacheerd, vooral naar onze buurlanden België en Duitsland, en naar Frankrijk. Jaarlijks gaat het om circa 80 tot 120 duizend A1-verklaringen, voornamelijk onder artikel 13 BR voor werkzaamheden in meerdere lidstaten, en in mindere mate artikel 12-detacheringen richting de bouw, industrie en dienstverlening.
Tot slot maken de beperkt openbaar beschikbare inspectiegegevens het lastig om een compleet beeld te krijgen van toezicht, naleving en mogelijke misstanden.
Het onderzoek
Dit landenrapport is opgesteld in het kader van POSTING.STAT 2.0 en biedt inzicht in de omvang, kenmerken en impact van intra-EU-detachering naar en vanuit Nederland, evenals in de omvang en kenmerken van hieraan gerelateerde overtredingen. POSTING.STAT 2.0 is een Europees onderzoeksproject dat statistische gegevens over intra-EU-detachering verzamelt en analyseert op basis van nationale registratiegegevens. Het wordt uitgevoerd door een consortium van elf lidstaten onder coördinatie van HIVA-KU Leuven en vormt een vervolg op het eerdere project POSTING.STAT. In dat kader verscheen eerder ook een landenrapport voor Nederland.
Gebruikte methode
Dit onderzoek is voornamelijk gebaseerd op twee verschillende bronnen: A1-verklaringen, die betrekking hebben op de toepasselijke socialezekerheidswetgeving van gedetacheerde werknemers, en het meldloket WagwEU, dat de feitelijke intentie tot dienstverlening in Nederland registreert. Deze bronnen leggen verschillende dimensies vast en zijn daarom niet één-op-één vergelijkbaar, maar vullen elkaar wel aan.
Heeft u vragen over deze publicatie?
Neem contact met Henri Bussink op via telefoon of mail. Hij zal zo spoedig mogelijk reageren op uw vragen.
Henri Bussink
"*" geeft vereiste velden aan